Poef. Ineens is het overal donker. In geen enkele huiskamer of kantoortuin werken de lichten nog – zelfs het lichtje in de koelkast gaat niet meer aan. De verwarming (of airconditioning) is ermee gestopt. En de wifi? Weg. Treinen? Die rijden niet meer.
Buiten kunnen gemalen de waterstand niet meer reguleren. De wc doortrekken lukt nog maar één keer en daarna niet meer, en afvalwater, uitwerpselen incluis, kan omhoogkomen. Talloze mensen zitten vast in liften – die moeten door de hulpdiensten worden bevrijd. Diezelfde hulpdiensten schakelen net als ziekenhuizen en kritieke overheidsgebouwen over naar noodstroom. Winkels sluiten hun deuren, want pinnen gaat niet meer. Als de telecommunicatie nog werkt, wordt er een NL-Alert gestuurd. Voor wie het nog niet doorhad: de stroom is uitgevallen. De gevolgen daarvan merkt iedereen vrijwel onmiddellijk.
Achter de schermen gaan de alarmbellen af. De veiligheidsregio’s komen samen, net als TenneT en de regionale netbeheerders – ook zij hebben noodstroomvoorzieningen. De oorzaak van de stroomuitval wordt direct onderzocht. Andere Europese landen worden op de hoogte gebracht van de situatie. Die schieten meteen te hulp, bijvoorbeeld door stroom aan te bieden. Indien zij niet óók getroffen zijn door stroomuitval, natuurlijk.
Meestal houdt een stroomstoring niet zo lang aan, soms slechts (tientallen) minuten. Maar wat als zo’n storing langer duurt?
De black-out
De stroom valt regelmatig uit in Nederland. In 2025 zijn er 27.053 ‘onvoorziene onderbrekingen’ van het elektriciteitsnet geregistreerd door Netbeheer Nederland (een vereniging voor gas- en netbeheerders). De oorzaak daarvan is meestal graafschade en de gevolgen zijn slechts lokaal. Een storing duurde vorig jaar gemiddeld 74 minuten. Dat is ruimschoots minder dan de 72 uur (4320 minuten) waarop Nederlanders voorbereid moeten zijn.
Echt grootschalige storingen zijn een stuk zeldzamer. Wel viel vorig jaar de stroom ruim een dag uit in Spanje en Portugal, door technische fouten. Zoiets heeft Nederland nog niet meegemaakt, maar in het rijksboekje Bereid je voor op een noodsituatie wordt een langdurige stroomstoring als concreet voorbeeld uitgewerkt. Dat zal geen toeval zijn.
Dit boekje, dat ieder huishouden ontving, werd verstrekt voordat de wereld in een energiecrisis gleed. Door de Amerikaans-Israëlische oorlog tegen Iran en de blokkade van de Straat van Hormuz zijn de olie- en gasprijzen gestegen. Gas is belangrijk voor het opwekken van elektriciteit in Nederland, en de gasvoorraden bereikten volgens Gasunie de laagste stand in tien jaar.
Dus stel dat de stroom in Nederland ineens voor langere tijd uitvalt. Hoe lang houdt een black-out aan? En hoe wordt die verholpen? Die vragen legde Trouw voor aan Jan Vorrink (internationaal adviseur bij TenneT) en Ira Helsloot (hoogleraar Besturen van Veiligheid aan de Radboud Universiteit).
Het tweede uur
Omdat we totaal afhankelijk zijn van elektriciteit, merken we stroomuitval onmiddellijk. De meeste gevolgen zijn meteen of na minuten zichtbaar, maar niet álle. Vanaf het tweede uur kan de noodstroom van telecommunicatiemasten opraken. Bellen en internetten gaat dan helemaal niet meer. Al is het waarschijnlijk dat dat daarvoor ook al niet meer lukt, omdat het netwerk overbelast raakt van de vele berichten die mensen elkaar zullen sturen over de stroomuitval.
Buren kloppen bij elkaar aan: weet iemand toevallig meer over de situatie? In sommige gemeenten worden noodsteunpunten opgericht: daar wordt informatie over de stroomstoring verstrekt.
TenneT en de regionale netbeheerders zijn onderwijl bezig met het stroomnet in honderden losse stukjes op te delen. Vervolgens kunnen deze één voor één weer van elektriciteit worden voorzien zodra de oorzaak van de storing is verholpen.
Het wederopbouwen van het stroomnet kan op twee manieren. De eerste is top-down restoration: dan worden eerst de Nederlandse grensgebieden op het net aangesloten met hulp van stroom uit het buitenland. Regio voor regio wordt Nederland, van buiten naar binnen, weer op het net gezet. Welke regio’s het eerst en het laatst weer stroom hebben, hangt af van waar de meeste stroom vandaan komt vanuit het buitenland.
De tweede mogelijkheid is een black start: herstelvoorzieningen (in Rotterdam en Eemshaven, en spoedig in Lelystad) worden opgestart en voorzien Nederland stapsgewijs, van binnen naar buiten, van stroom.
Het derde uur
Feitelijk is een huis nu weinig meer dan een stel muren die enigszins beschermen tegen de elementen. Het hangt af van de isolatie hoe warm of koud het nu binnen is. Als dit een lokale storing was, dan hadden huishoudens naar een andere regio kunnen rijden waar wel stroom is. Dat is voor een groot deel van Nederland nu lastiger, omdat ze dan naar België of Duitsland moeten.
Ondertussen ontdooit het eten in miljoenen vriezers en worden noodstroomgeneratoren verdeeld over kritieke voorzieningen. Daarbij botsen belangen. Zorgcentra voor kwetsbare ouderen willen generatoren voor het welzijn van hun bewoners. Waterschappen willen generatoren omdat de gemalen die grondwater controleren zijn uitgevallen. Dat kan er, zeker op laaggelegen plekken, voor zorgen dat er water de straten in stroomt of dat weilanden vollopen.
Het zesde uur
De supermarkten die toch open blijven en contant geld accepteren, sluiten nu de deuren. De voorraad moet namelijk minimaal tweemaal per dag worden bijgevuld, dus de schappen zijn leeg.
Alle verbindingen met het Nederlandse stroomnet zijn inmiddels verbroken door de netbeheerders en worden stap voor stap hersteld. Als de elektriciteit top-down wordt hersteld, dan kunnen de eerste regio’s nu weer stroom hebben. Gaat het om een black start? Dan duurt het langer. Dan zijn de herstelcentrales na vier uur opgestart, en hebben de eerste regio’s mogelijk weer elektriciteit.
Goed om te benadrukken: deze tijdlijn geldt voor stroomuitval door een freak accident. Mocht een buitenlandse mogendheid betrokken zijn bij de stroomuitval dan kunnen de problemen hardnekkiger zijn en langer duren. In het geval van een cyberhack kan het dagen duren voordat er weer stroom op het net zit, de oorzaak moet namelijk eerst worden opgespoord en vervolgens verholpen. Hoe lang dat precies duurt? Dat is lastig te zeggen. “Natuurkunde is makkelijker te vatten dan een IT-probleem”, zegt Jan Vorrink van TenneT.
Het twaalfde uur
Een top down restoration duurt onder gunstige omstandigheden zes tot twaalf uur. In dat geval heeft Nederland nu weer elektriciteit. Media zullen ongetwijfeld direct kopij over de storing de ether in pompen. Toen het Iberisch Schiereiland in 2025 met een black-out kampte, had Portugal na twaalf uur weer stroom. In Spanje duurde het zestien uur: daar werd de *top-down-*aanpak met een black start gecombineerd. Met een black start duurt het maximaal 24 uur voordat alle stroomverbindingen hersteld zijn.
Alle rampenfilms ten spijt, volgens hoogleraar Ira Helsloot zullen er niet snel plunderingen plaatsvinden. Die noemt hij ‘één van de drie P-mythes: paniek, plundering en passiviteit’. Winkels worden niet leeggeroofd, zegt hij, mensen worden juist sociaal in noodsituaties en helpen elkaar.
Het vierentwintigste uur
Indien alles volgens plan verloopt en het niet om een cyberaanval gaat, heeft Nederland nu gewoon weer elektriciteit. Ook bij een black start. De precieze gevolgen van de storing worden nu langzaam duidelijk: er zijn mensen gestorven, gebieden zijn onder water gelopen en kilo’s voedsel zijn ontdooid. Maar het licht, de verwarming en de wifi doen het in elk geval weer.
Volgens Jan Vorrink is de kans op een black-out in Nederland, à la het Iberisch Schiereiland, klein. Het elektriciteitsnet hier is goed verbonden met buurlanden als Duitsland en België. Die zullen in geval van nood bijspringen. Ira Helsloot bevestigt dat, maar predikt waakzaamheid. “De kans op een black-out is groter dan de kans dat een dijk doorbreekt.” En dat laatste is niet onmogelijk, zo leert 1953.